Onbetaalbaar

19 sep

Hoe ik ook zoek: in mijn kinderjaren is géén puur geluksmoment te vinden. Of anders werd het wel weer van me afgepakt.

Zoals dat suède franje-jack waar ik on top of the world zo blij mee was, maar dat na drie weken ineens terug moest naar de winkel omdat er iets aan zou mankeren. Of ‘per ongeluk’ weggegooid, zoals die supergave spijkerbroek met lussen voor gereedschap en allemaal interessante zakken, van een andere supergoedkope megamarkt. Het afgeprijsde appelgroene T-shirtje dat ik het liefst ieder dag wel droeg was ook al ineens foetsie geweest. Terwijl dat toch heus een meisjeslook had. Maar misschien waren het toen mijn ontluikende borstjes die iemand dwars zaten?

De ervaring van me ‘volmaakt gelukkig voelen op de achterbank van een oude kever met open dak, met het hele gezin richting zonnige zuiden tuffend’ – zoals iemand onlangs speechte op de uitvaart van zijn vader, die zijn grote voorbeeld was en dat nu voor altijd zal blijven – heb ik in ieder geval nooit gekend. Het enige dat daarbij in de buurt komt zijn die handvol gelukzalige zomerdagen met mijn fantastische franje-jasje waarin ik me eindelijk voelde meetellen. Hoe een liefdevolle moeder te zijn heb ik later zelf maar uitgevonden.

Op de parkeerplaats had ik pas gesnapt dat het haar helemaal niet om het geld ging. Dat er iets heel anders speelde. Iets onuitgesprokens, iets tussen haar en mij. Dat ik haar met mijn pubergeluk blijkbaar ‘brutaal’ de ogen had uitgestoken en dat Sneeuwwitje dood moest, zou ik nu zeggen.

Daar en dan nam ik me heilig voor om niets, maar dan ook nooit meer iets, wat dan ook, van haar te willen – laat staan aan te nemen. Ik leefde nog liever op water en brood. Pas nadat ik mijn zelfbepaalde uiterste houdbaarheidsdatum had overleefd  kwam mijn toch niet zo dode vader in beeld.

Of wacht: er was nog één kinderlijk eenvoudig geluksmoment. Hoewel dat eigenlijk niet meetelt, want al volwassen. Net.

In mijn geval zat ik alleen op zo’n retro rode skai treinbank en tufte naar zuid Nederland, richting ouderlijk huis, op een stralende winterdag. Die ochtend was ik jarig en wel wakker geworden in een geïmproviseerd logeerbed ergens in de randstad. Brak en 18 jaar. En beretrots: dat ene, unieke once in a lifetime moment van volwassenwording had ik zomaar helemaal alleen voor mezelf! Gewoon in mijn schoot geworpen gekregen door het lot! Zoiets onbetaalbaars had ik nog niet eens durven dromen. Werkelijk het allerbeste verjaardagscadeau dat er maar bestond. En niemand nam me dat ooit, ooit, ooit nog af, drong bijna triomfantelijk tot me door terwijl het in warm zonlicht badende landschap langzaam aan me voorbij trok en geruststellend gemakkelijk telkens van kleur en vorm veranderde.

Oogappel (KAZ 2/13) acryl op doek – 60 x 80 cm (2019)

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: