Archief | projecten RSS feed for this section

Droste-effecten

10 jun

Bizarre toevalligheden gebeuren doorgaans sporadisch, maar ze gebeuren. En lijken dan zo ongeloofwaardig, zo vergezocht, dat je je bijna gaat afvragen of er niet gewoon opzet in het spel is. Bijvoorbeeld wanneer je met je vriendinnen voor het Prado staat te beraadslagen wie er naar binnen wil en wie er meer voelt voor een grote kan sangria, en dat dan prompt je kersverse ex-vriend pal voor je verbouwereerde neusje de museumdeuren uit komt gelopen. Mét die nieuwe rondborstige liefde waarvoor jij zo harteloos werd gedumpt aan zijn vet gespierde arm. ‘Zeg alsjeblieft dat ik nu de ster ben in Candid Camera’, moet ze innerlijk hebben gekreund. Want nee: ze nam het niet bepaald sportief op. En ja: dit waargebeurde ervaringsverhaal is een tweedehandsje. Zelf hou ik niet van sangria en macho’s.

‘Wie heeft me dit kunstje geflikt? Waar staat die fucking camera?’ Ik denk dat ze haar leven lang niet meer vergeten zal dat ze elkaar toen en daar nog net met goed fatsoen doch onverstaanbaar mompelend wisten te groeten – er voor het vertelgemak nu even vanuit gaand dat ze inmiddels meer levenswijsheid heeft vergaard en vandaag de dag tot iets meer in staat is dan alleen die ondankbare, naar de grond gerichte boze blik. Een ‘Oh! my! God! This Is So Amazing!!’ is wellicht wat over the top, maar iets waar waardering en ontzag uit spreekt is toch best bedenkbaar? (Eerst nog aan de grond genageld, dan in slow motion naderend) ‘Wauw, niet te filmen, waaraan hebben we dit in godesnaam te danken!?’ – ik zie het zo voor me.

Proefondervindelijk leerde ik zelf namelijk dat dankbaarheid veel effectiever is dan bijvoorbeeld verongelijkt pruilen (‘Wat geméén om met haar wél naar Spanje te gaan!’). En dat niet te bevatten toevalligheden daar juist erg goed op gedijen. Ik raak zelfs zo vaak in bizarre samenlopen verzeild dat je er van in de war zou kunnen raken – als je niet heel stevig in je schoenen staat en onder alle omstandigheden nuchter en praktisch kunt blijven dan.

Maar zou je bizar veel bizarre toevalligheden nou eigenlijk ook een Droste-effect kunnen noemen? Of iemand van schreeuwen betichten die zich pal naast een schreeuwend kind verstaanbaar poogt te maken? Of een foto van een tableau vivant waarop een personage dat tableau live staat te streamen?

Voor al uw biologische knolrapen, lof, schorseneren en prei, moet u bij An-Dijvie zijn! (liedtekst: Drs. P – uitvoerenden: Muziek en Lol) foto: Aan de kade

 

Advertenties

Applausje voor jezelf

5 jun

Neerbuigend bejegen, kleineren en vernederen, opzettelijk misverstaan en monddood maken: het zou niet mogen kunnen in Zorgland. Niet in Nederland, toch? Maar het gebeurt. Wel. ‘Zorg’ zonder grenzen: schoffering is het nieuwe rood-wit-blauw. ‘Ze proberen het gewoon en komen er nog mee weg ook.’, aldus advocaat Kevin Wevers in de Groene.

Wat dit voor een kaaskop als ik extra fascinerend maakt is dat het dragen van een exotisch klinkende achternaam – bijvoorbeeld die van je mediterrane verwekker/erkenner – meteen al de hele afhandelingstoonzetting lijkt te kunnen bepalen. Vooral als die achternaam veel gemakkelijker wordt geassocieerd met couscous en kebab dan met pizza en pasta. Dat laatste vermoedde ik al wel, maar verbaasde me toch wat, toen ik het in de praktijk terloops aan een degelijk opgeleide, goed bedoelende gemeenteambtenaar voorlegde. Van prosecco worden mensen natuurlijk ook veel vrolijker dan van kamelemelk, logisch. En ‘ciao ciao’ bekt voor de gemiddelde Hollander toch lekkerder dan ‘allahoe akbar’. Hulpverlenen is ook maar mensenwerk, blijkt maar weer. Net als schoonmaken en patatten snijden.

Wat ik vrijwel dagelijks mis is dat kleine beetje waardering dat juist het verschil kan maken. Wat de dag waaraan je door een zoveelste gebroken nacht al moe begon, nèt ietsje lichter laat lijken. Wie weet hoe de hazen lopen is niet zuinig met op z’n tijd een welgemeende dikke duim – en schroomt evenmin de vinger op de zere plek te leggen. Die vraagt niet wat iemand met een ernstige beperking zoals mijn zoon nou eigenlijk bijdraagt aan de samenleving. Die snapt, net als wijlen rapper Feis, dat hij als geen ander ‘normale’ mensen weet te inspireren om óók domweg zichzelf te accepteren zoals ze diep van binnen zijn – in plaats van eindeloos acceptatie na te jagen. Dat hij het levende bewijs is dat je helemaal vanzelf gelukkig bent en oprecht blij wordt als je in vrede leeft met jezelf.

Feis (Faisal Msyyeh, 25/1/’86 – 1/1/’19) werd op nieuwjaarsnacht vermoord toen hij hier vlakbij op de Binnenweg een domme ruzie probeerde te sussen. Hij was een van de stoere ‘bro’s’ waarnaar Emiel tijdens zijn rollende loopje naar het centrum vol overtuiging roept en lacht: hé, vrienden! Meestal krijgt hij daar dan een teken van waardering en respect voor terug – en soms houd ik mijn hart een beetje vast.

Typisch Delfshaven

2 jun

Bij een retro Cadillac hoort eigenlijk een retegezellige karaoke party, ja toch, niet dan? Alleen: hoe spel je nou toch precies dat oer-Rotterdamse equivalent voor dat nèt wat kakkerigere ‘beregezellig’? Surfend op internet krijg ik op taaladvies.nl wel een hit voor retegeil. Wat dan vergelijkbaar zou zijn met beregeil. En beregezellig schrijf je volgens hen gewoon zonder verbindingsstreepje. Maar behalve dat het kennelijk vaak #retegezellig is op Twitter en er op Facebook wel 3 verschillende schrijfwijzen worden gehanteerd, vind ik maar niet wat ik zoek. Of, wacht: in 2016 heeft HP/ De Tijd een artikel gepubliceerd over de populariteit van plastic flamingo’s. Die zouden – BINGO! – ‘rete-gezellig’ zijn, althans volgens Jan en Janneke uit de Hofstad. En HP / De Tijd moet haast wel weten hoe je een woord juist spelt, niet dan?*)

Wij in Delfshaven hebben elke donderdag-, vrijdag-, én zaterdagavond – BINGO! – karaoke bij café Aan Zet. Vanuit de slaapvertrekken hier Aan de kade is goed te merken dat het er dan steevast retuh guzellug is – denk ik dan tenminste te horen.

foto: Aan de kade – als ansichtkaart te koop bij Lil’Delfshaven en kunstenmakerij / atelier Aan de kade

*) Misschien toch niet! Spellingsite.nu (onderdeel van OnzeTaal.nl) schrijft het juist wél weer als een ononderbroken woord. Op de ansichtkaart die vanaf vandaag bij Lil’Delfshaven te koop ligt heb ik dat – al zeg ik het zelf – in ieder geval best handig opgelost.

Déjà vu van de dag

31 mei

Het was de vaste matroos van ‘Oceaniumboot’ de Haaibaai van wie ik – onderweg naar de Maasvlakte – uiteindelijk het hele verhaal te horen kreeg: eind vorige eeuw had een dierenverzorger zijn toen nog revolutionaire idee bij de baas van Blijdorp neergelegd. En wat begon voor alleen kankerpatiëntjes uit het Sophia kinderziekenhuis in Rotterdam, groeide gaandeweg uit tot een mondiaal evenement voor ernstig zieke en gehandicapte kinderen. Op dit halfrond op de eerste vrijdag in juni – of daar vlakbij. Down under op de eerste vrijdag in december. Tot hij zelf kanker kreeg was hij de onvermoeibare motor achter dit jaarlijks terugkerende feestje. Nu doet hij het rustiger aan, maar blijft als vrijwilliger nauw betrokken bij ‘Dreamnight at the Zoo’. Zelf kende ik hem alleen van zien en van groeten, en natuurlijk van die uitnodigingen die hij desnoods in onze brievenbus achterliet.

Iemand bellen die dan opneemt met ‘ik moest net aan je denken’ is niet echt ongebruikelijk voor de gemiddelde sterveling. En een liedje in je hoofd neuriën, dat een ander vervolgens spontaan – en luid – begint te zingen, heeft het gros van u vast ook wel eens meegemaakt – en dat je je dan toch een beetje betrapt voelt, omdat je er zeker van was dat niemand je kon horen, wat ook zo was, alleen eventjes niet zo leek.

Anders ligt het wanneer je een enveloppe bij je steekt met de intentie die voor een bepaalde datum aan een bepaald iemand te overhandigen, terwijl je uit ervaring weet dat je die persoon sporadisch en sowieso alleen spontaan zomaar ergens tegenkomt. En toch komt het dan steeds goed. Jaar in jaar uit. – Of in ieder geval minstens twee keer: zo bijzonder vond ik het kennelijk ook weer niet, dat ik het me nu niet eens meer precies herinner, wat bijna blasé klinkt, of dat gewoon is. Erger nog: ik was er – geloof ik – inmiddels bijna op gaan rekenen dat het vanzelf wel in orde zou komen.

Evengoed ontzettend bedankt Peter! Bedankt dat je zelfs als we met de noorderzon zijn vertrokken nog aan ons blijft denken wanneer je je met hart en ziel inzet om alwéér een nieuwe editie van Dreamnight at the Zoo vorm te geven! (Ik meen me tenminste te herinneren dat die Crooswijkse buurman Peter zou heten. Met die achternaam van een buurmeisje uit mijn kleutertijd.)

detail infobord Oceanium  Diergaarde Blijdorp, Rotterdam

Zen momentje

26 mei

In 2017 ontstond het idee om onder bruggen over de Delfhavense Schie en Coolhaven gedichten van Rotterdamse dichters te publiceren. In totaal zo’n tien stuks (potentiële eindexamenstrikvraag tekstverklaren: gedichten, bruggen, of dichters?). Wachtenden kunnen dan in een moeite door iets van enige diepgang lezen en dat op zich laten inwerken. Net zo lang overpeinzen en in gedachten verzonken wegdromen tot de slagbomen rinkelend en wel weer worden geheven. Helaas resulteerde dit laatste (juiste antwoord: dichte slagbomen) bij de eerste realisering van het open/dicht-project wekenlang voor bizar lange files op de wal, en zelfs op het water. Zo ben ik mijn zoon op een avond maar uit zijn groepsvervoermiddel gaan verlossen na door de chauffeur (voor de zoveelste keer die middag) te zijn ingeseind dat hij voor die laatste honderd meter nog wel eens een half uurtje extra nodig zou kunnen hebben – en binnen ons prakje inmiddels vies stond te verpieteren.

Bij werkzaamheden aan de Mathenesserbrug denkt de doorsnee Delfshavenaar en een doorgewinterde binnenvaartschipper meteen aan klemmend staal, meestal door hoge buitentemperaturen. Wat dan eenvoudig wordt opgelost door wat mannetjes goed te laten koelen met zuiver Rotterdams Schiewater. Soms is het nodig om een essentieel onderdeel te vervangen. Dan moeten er experts worden ingevlogen. En dat kan wel even duren. Een weggebruiker rijdt of loopt dan vloekend en tierend naar de eerstvolgende andere brug. Een schipper moppert wat en zet voor zichzelf een verse bak koffie voor bij de Schuttevaer, of een andere inmiddels mies vergeelde binnenvaartcourant.

foto: Lodder scheepsreparatie – Haaibaai & Haaibaai 2017

Douze points / 10 punten

19 mei

Het thema van het songfestival was dit jaar Dare to Dream, de Europese versie van mainstream maakbaarheidscredo ‘Durf te dromen’. Niet bang zijn je kop te stoten aan dat denkbeeldige glazen plafond dus, maar meteen goed doorpakken en voor de hoofdprijs gaan. Niet talmen, niet uitstellen, niet zeuren dat je – ja maar – ongesteld moet worden en dan per definitie niet te genieten bent. Gewoon op zijn Rotterdams de mouwen opstropen en met je handen in de klei. Zoiets moet die buurvrouw vanmorgen tenminste ook gedacht hebben toen ik haar bij wijze van ludieke actie een bos doorgewoekerde bamboe aanbood – waarvan ze net zo min gediend bleek als ik (Madonna!, wat werd die vals).

Toen mijn zoon een paar jaar terug 29 werd organiseerde ik een fout campingfeestje. Slechtste singer-songwriter van Nederland Gerson Main’s gekke liedje ‘Koning van de camping’ had me daartoe geïnspireerd. Songfestivalwinnaar Duncan lijkt ook al – zo vreemd – te zijn beïnvloed door een silly song van hem. Diens ‘ooh-ooh-ooh’ kwam mij tenminste juist genant bekend voor van een cd uit zoonliefs muziekverzameling. Ik geef mijn douze points dan ook aan desbetreffende baldadige balade – en aan die buurvrouw 10 punten voor de moeite.

Caballero’s

14 mei

Dat je in ’44 nog drie pakjes filterloze sigaretten kon ruilen voor een warme winterjas heeft mijn biologische vader (1919) als jonge vent zijn leven gered. Hij zat dat jaar in Leipzig, waar hij in een van de Arbeidslager was ondergebracht om voor nazi-Duitsland dwangarbeid te verrichtten. Aanvankelijk was hij na de oproep nog ondergedoken. Maar er was iets voorgevallen waardoor hij zich als bankemployee toch maar ging melden voor de handenarbeid die alle mannen tussen de 17 en 35 jaar van zijn geboortedorp, en de dorpen in de wijde omgeving, te wachten stond – hij wilde denk ik de eer aan zichzelf houden, niemand tot last zijn en zijn lot waardig dragen: dat herken ik tenminste van hem in mezelf, maar wellicht is dat gewoon projectie. Er waren ook Russinnen en Poolse jongedames tewerkgesteld, en er werd ondanks alle ontberingen gekaart en gedanst. Maar de meeste tijd moest hij in een fabriek voor landbouwmachines kogels maken. Zijn verzet bestond uit moedwillig vergeten om kruit toe te voegen. Dat de Duitsers hierdoor met losse flodders de oorlog moesten zien te winnen gaf hem en zijn door het lot gekozen makkers tenminste nog enigszins voldoening. Na de bevrijding in ’45 vertrok hij te voet richting Zeeuws Vlaanderen. De Russische die graag met hem ‘verder had willen gaan’ was ‘een heel mooie vrouw’ geweest, vertelde hij me een keer tijdens een van onze schaarse gesprekken onder vier ogen. Met een bepaalde klank in zijn stem en een blik vol onuitgesproken herinneringen. Maar het waren nou eenmaal de pakjes Caballero’s van zijn Nederlandse verloofde waardoor hij die laatste barre winter had kunnen overleven, begreep ik. Toch een gek idee dat er ergens op de wereld best (nog) een halfbroer of -zus van me kan rondlopen.

foto: Aan de kade

beeld: Aan de kade – Water en vuur (2001) / acryl op doek / 60 x 80 cm

Op 14 mei 1940 werd de binnenstad van Rotterdam door nazi-Duitsland platgebombardeerd. Dit wordt jaarlijks op meerdere locaties in de stad herdacht.

%d bloggers liken dit: