Archief | schrijfoefeningen RSS feed for this section

Golden girl powerrr!

20 jan

Als aanloop naar mijn 60ste verjaardag tracteerde ik mezelf vorige week alvast op gouden klapcreolen. Van de lommerd, dus duurzaam en vintage in één klap. In het kader van ontspullen leverde ik meteen maar die ergens diep in een lade braaf bewaarde overtollige ringen in, en dat luchtte verbazend lekker op. Weg valse beloftes! Nooit gedacht dat jezelf je eigen miskleunen vergeven zo simpel zou zijn.

Of ik nog plannen had voor de grote dag, wilden de dames van me weten terwijl ze vrolijk speculeerden over een gênante surpriseparty met een van de olie glimmende – daar zou ik dan voor verantwoordelijk zijn – vleselijke geneugten-dansact. Maar ik wenste mezelf vooral een lekker rustig dagje toe. Nou, dat heb ik geweten.

Er staat nu ergens een Zweeds taartje voor me klaar en ik mag ook gratis een smeuïge tompouce ophalen. En eigenlijk had ik vandaag willen zwieren en zwaaien op de schaatsbaan, nu het nog kan. Maar de naweeën van een recente voedselvergiftiging –  zo eentje die je met liefde je ergste vijand toewenst – maken dat ik allang blij ben met mijn slappe dwijlbenen niet steeds uit mijn slome sloffen te schieten. En aan wat voor zoetigheid dan ook moet ik niet eens dénken. Voor de rest van mijn leven ben ik sowieso stante pede en onverbiddelijk vegetariër geworden. Er komt hier zelfs geen vegaworstje meer in!

Wordt dit toch nog een verjaardag om niet snel te vergeten. Zonder eerst in één keer alle kaarsjes uit te blazen.

Let it snow, let it snow, let it snow

16 dec

Soms fantaseer ik dat er een dik pak sneeuw valt. Waar met een rolstoel niet doorheen valt te ploegen, zo veel. Zodat ik door overmacht gedwongen thuis eindelijk eens lekker door kan pakken. Net zolang totdat al die kleine en grotere klusjes één voor één genadeloos zijn weggewerkt. Heerlijk lijkt me dat.

raamexpo kunstenmakerij /atelier Aan de kade

limited edition kerstkaarten €2,95 p.st.

Weten hoe het hoort – NOT

12 nov

Het eerste wat ik deed was die drie geurstokjes weggooien. Toen de ramen open en de verwarming uit: het rook niet alleen fake fris in mijn tijdelijke slaapvertrek aan zee, het was er ook om te stikken zo warm. Die nacht had ik het desondanks druk met steeds het dekbed van me afgooien en in prikkende, tranende ogen wrijven – maar dan niet van de emotie er eindelijk eens een dagje tussenuit te zijn.

Op het weidse strand pal voor de hoteldeur moet je goed opletten niet in een verse drol te trappen. En word je om de halve kilometer wel besprongen door een natgeregende hysterische hond. Niet van die kleintjes ook. Eentje stompte zelfs steeds snoeihard met zijn muilkorf tegen m’n benen. Ik heb er blauwe plekken van.

In het restaurant rook het naast me ineens doordringend naar oude asbak. Discreet vertrok ik maar richting wc. Vanaf mijn nieuwe zitplaats kon ik sommige gasten zien loeren en smoezen. En vroeg ik me af of het eten hun nog wel smaakte. Of dat het went.

De kruidenmix over de patat frites is kennelijk net als die geurstokjes (en de gasgestookte open haard tegenover de toiletten) onlosmakelijk verbonden met de populariteit van deze keten. Na een paar happen gaf ik het op.

De zilte zeelucht striemde daarnet nog in mijn neus en mond. In de verte hadden  bliksemschichten uit een dreigend donkere wolk de van hagel en stortregens zwangere lucht verlicht. Mijn zwarte Spido zwempak onder meerdere niet meer zo droge kledinglaagjes had ik niet meer nodig om me een verzopen zeehond te wanen. De twee keurig gekapte, witte wijn verslindende dames achter het panoramaraam zwaaiden niet enthousiast naar me terug.

Verder is hier niet zoveel te doen. Zo’n beetje alle strandtenten zijn al dicht zo laat in het seizoen. En De Viskeet die ik open trof bleek een zeevisserscafé. Zodat ik me nu maar met zakken vol vet-vegetarisch lekkers van de afhaalchinees, in mijn enige nog droge T-shirt op het voeteneinde van het luxe lits-jumeaux heb geïnstalleerd. Buiten loeit de wind onverminderd voort. De tonen van leer en bittere chocola in mijn plastic bekertje wijn maken het plaatje helemaal af. Wat een rust. Wat een weldadige rust.

Onbetaalbaar

19 sep

Hoe ik ook zoek: in mijn kinderjaren is géén puur geluksmoment te vinden. Of anders werd het wel weer van me afgepakt.

Zoals dat suède franje-jack waar ik on top of the world zo blij mee was, maar dat na drie weken ineens terug moest naar de winkel omdat er iets aan zou mankeren. Of ‘per ongeluk’ weggegooid, zoals die supergave spijkerbroek met lussen voor gereedschap en allemaal interessante zakken, van een andere supergoedkope megamarkt. Het afgeprijsde appelgroene T-shirtje dat ik het liefst ieder dag wel droeg was ook al ineens foetsie geweest. Terwijl dat toch heus een meisjeslook had. Maar misschien waren het toen mijn ontluikende borstjes die iemand dwars zaten?

De ervaring van me ‘volmaakt gelukkig voelen op de achterbank van een oude kever met open dak, met het hele gezin richting zonnige zuiden tuffend’ – zoals iemand onlangs speechte op de uitvaart van zijn vader, die zijn grote voorbeeld was en dat nu voor altijd zal blijven – heb ik in ieder geval nooit gekend. Het enige dat daarbij in de buurt komt zijn die handvol gelukzalige zomerdagen met mijn fantastische franje-jasje waarin ik me eindelijk voelde meetellen. Hoe een liefdevolle moeder te zijn heb ik later zelf maar uitgevonden.

Op de parkeerplaats had ik pas gesnapt dat het haar helemaal niet om het geld ging. Dat er iets heel anders speelde. Iets onuitgesprokens, iets tussen haar en mij. – Dat ik haar met mijn pubergeluk blijkbaar ‘brutaal’ de ogen had uitgestoken en dat Sneeuwwitje dood moest, zou ik nu zeggen.

Daar en dan nam ik me heilig voor om niets, maar dan ook nooit meer iets, wat dan ook, van haar te willen. Laat staan aan te nemen. Ik leefde nog liever op water en brood. Pas nadat ik mijn zelfbepaalde uiterste houdbaarheidsdatum had overleefd  kwam mijn ‘dode’ vader in beeld.

Of wacht: er was toch nog één kinderlijk eenvoudig geluksmoment. Hoewel dat eigenlijk niet meetelt, want al volwassen. Net.

In mijn geval zat ik alleen op een rode skai treinbank en tufte naar zuid Nederland, richting ouderlijk huis, op een stralende winterdag. Die ochtend was ik jarig en wel wakker geworden in een geïmproviseerd logeerbed ergens in de randstad. Brak en 18 jaar. Beretrots en bijna triomfantelijk: dat ene, unieke moment van volwassenwording had ik hélemaal voor mezelf alleen! Zomaar in mijn schoot geworpen door het lot.  Zoiets had ik nog niet eens durven dromen. Werkelijk het allerbeste verjaardagscadeau dat er maar bestond. En niemand nam me dit ooit, ooit, ooit nog af, realiseerde ik me innig dankbaar, terwijl het in warm zonlicht badende landschap langzaam aan me voorbij trok en geruststellend gemakkelijk telkens weer van kleur en vorm veranderde.

Oogappel (KAZ 2/13) acryl op doek – 60 x 80 cm (2019)

 

Wonderkind

22 aug

Tegenover de kunstacademie vol vieze drugs en seks stond de school waar ik zou leren ‘mensen helpen’. Maar zo werkte het helemaal niet in de randstad, bleek al ras. Feodaal iemands problemen willen oplossen was echt niet meer van de toen gangbare tijd. Neen, wij nieuwe lichting hulpverleners gingen onze toekomstige cliënten niet betuttelen en afhankelijk houden. Wij zouden ze wel eens even empoweren! Hoewel ik me nu afvraag of dit jargon in de jaren 80 eigenlijk wel al in zwang was.

In de kelder was de bar. Daar werd minstens zo hard geblowd als aan de overkant en wie het waar precies met wie deed, was tegen sluitingstijd mij in ieder geval nooit meer helemaal duidelijk.

Mijn afstudeerscriptie schreef ik samen met het vriendinnetje van de docent die ons daarbij diende te begeleiden. Dat wil zeggen: zij zorgde voor het typwerk, terwijl ik met haar psycholoog bekvocht over wiens thesis dat gezamenlijke werkstuk nou precies moest handelen. Hoewel ik meende de strijd van hem te hebben gewonnen bleek het gewrocht – want dat werd het: beide examinatoren hadden er niet doorheen kunnen komen maar gaven ons goddank wel het voordeel van de twijfel – nog jaren als lesmateriaal te zijn benut. Tijdens de opleiding van mijn zoons oppas was het – arm kind – kennelijk zelfs verplichte kost.

Dat je altijd nog iets te kiezen hebt, al was het maar tussen twee slechte opties, leerden we in de methodieklessen van Frank en Frans. Beiden uit de provincie: die waaruit ik net was ontsnapt. Hun geitenwollen sokken kan ik me niet per se herinneren maar ze hadden wel allebei een baard plus de daarbij passende idealen. Zie je het voor je? Aan eerstgenoemde heb ik te danken dat ik alsnog een gezonde dosis eigenwaarde ontwikkelde. Zijn truc was even simpel als doeltreffend: wie niet uitblinkt in één kwaliteit of talent is wel gespecialiseerd in allround bekwaam zijn. Punt. Duidelijk! Ik kon van alles een beetje, in plaats van alleen maar héél erg goed typen of mooie praatjes verkopen. Wat een  vondst. Op slag liep ik met opgeheven hoofd bijkans naast mijn – nieuwe, prima passende – schoenen.

Anno nu ben ik overigens maar wat blij dat ik sommige zaken met een gerust hart kan overlaten aan mensen die zich ergens in hebben gespecialiseerd. Met je allround bekwaamheid kom je echt een heel eind, veel verder dan ik ooit voor mogelijk had gehouden. Maar alleen een stripheld met superpower kan ook nog eens alles tegelijk hendelen. Mega Mindy ofzo. Of Wonder Woman.

portret van een wonderlijk kind

portret van een wonderlijk kind (KAZ 9/13) – acryl op doek – 100 x 100 cm (2019)

Wie dit leest is gek

6 aug

‘Vermoedelijke fraude’, ‘Negatieve werkhouding’, ‘So dishonest’: zomaar wat drogredenen waarmee iemand met een goed ontwikkeld innerlijk kompas en een degelijk doordachte eigen mening zonder veel moeite kan worden kaltgestellt. Of twijfelt u soms niet een beetje aan FvD-oprichter Ottens integriteit? Ik wel, hoor.

Maar ja, toen ik een baantje heel graag wilde tekende ik die geheimhoudingsclausule weliswaar met tegenzin, maar ik tekende toch. Want voor mij tien anderen. En als mijn manier van communiceren wordt weggezet als gek, raar én vreemd (en o, ja: eng) snap ik stante pede echt wel dat dit veel zegt over de spreker in kwestie en bar weinig over mij, alleen sta je met je zuivere geweten in één sneaky zet toch meteen behoorlijk pat. Paf ook, ja, maar dat komt dan weer door je eigen – te hoge – verwachtingen. (Natuurlijk is niet iedereen uit hetzelfde hout gesneden! MDF wint zelfs onder ambachtslieden terrein. Maar valsspelen blijft het.)

Als tegenzet richt zwart schaap Otten nu dus maar een nieuwe partij op met zijn oude idealen. En om neonazi’s een stap voor te zijn claim ik het Oosterse gelukssymbool, dat nationaalsocialistisch Duitsland ooit hondsbrutaal verkrachtte, in al haar vergane glorie terug en eigen het me bij deze toe. (Oké, Maxima was me voor met haar Deense design jas. Maar dat is allang vergeven en vergeten. Dat telt niet.)

Binnenkort zijn er weer nieuwe ansichtkaarten van kunstenmakerij / atelier Aan de kade verkrijgbaar. Hier alvast een sneaky preview.

Besluiteloosheid is een keuze

22 jul

Tussen een mix van talen en toeristen in een strandtent ergens bij Monster.

In het avondzonnetje. Seventies soulmuziek op de voorgrond en een hip lifestylemagazine op schoot.

Pikante mosselen vol krabbetjes en übervriendelijke personeel sluiten perfect aan bij mijn vakantiemood.

Vandaag ben ik een dagje vrij. Nu, niet morgen, en niet volgende week. Toen ik toch maar even opzocht waar ik inmiddels liep bleek ik de 10.000 stappen te zijn gepasseerd.

‘You never know when the music stops’, schaterlacht de trendy swami vanaf het tijdschriftenpapier me vrolijk toe.

%d bloggers liken dit: