Tag Archives: coronamoeheid

Chef-corona

22 nov

‘Doe maar niet’, zei ik zonder enige aarzeling. ‘In verband met corona, je weet toch?’ De vrolijke voorbijganger bedoelde het heus goed. En oké, we stonden daar in de frisse buitenlucht. Maar deze buitenstaander bracht zijn gezicht wel héél dicht bij dat van m’n – totaal in zijn muziek opgaande – rolstoeler. Hem daarbij kameraadschappelijk vastpakkend. Jolig aan zijn arm schuddend.
Mijn zoon reageerde niet. Nergens op. Die heeft niet altijd zin in een gezellig praatje. En weglopen is voor hem dan geen optie.

‘Corona? Ik ben chef-kok, dan heb je toch zeker geen corona!’. Dat wist ik natuurlijk niet. ‘Misschien word ik dan ook maar chef-kok’, riep ik hem nog vredelievend na.

Tolerant Nederland

21 nov

Het is al lang geleden dat de fameuze Hollandse tolerantie internationaal in opspraak kwam. Het zou veel eerder getuigen van onverschilligheid, dan echt verdraagzaamheid uitdragen. Dat was destijds voor mij nogal een eyeopener. Zo had ik het nog nooit bekeken. Maar vanaf dan zou ik mijn verantwoordelijkheid nemen en me wél uitspreken als ik nonchalance, of andere misstanden tegenkwam. Hoe vervelend ik dat ook vond. In plaats van me gemakshalve zwijgend met mijn eigen zaken te blijven bemoeien.

Dat werd me natuurlijk niet altijd in dank afgenomen. Deels vanwege de ervaren vertrouwensbreuk: ‘ik dacht dat jij niet moeilijk was!’. Deels omdat een kritische kanttekening over het algemeen, en bij mensen met al dan niet vermeende macht in het bijzonder, doorgaans bar slecht valt. De aanval-is-de-beste-verdediging is dan kennelijk snel gemaakt. Soms hilarisch genoeg in de vorm van psychologische projectie – ‘Je bent nog niets veranderd’. Zoiets houdt het dan toch leuk.

Dat moet ook, want mijn missie houdt voorlopig niet op. Een transparante, eerlijker samenleving is nog steeds ver weg. Maar alle kleine beetjes helpen. Ook die speldenprikjes van mij – zal ik dat even voor u opruimen? Dat ‘anderen’ iets ook wel/niet doen laat me weliswaar onverschillig, misleiding en misbruik van vertrouwen niet.

Soms blijkt er simpel sprake van een mysterieuze systeemfout. Daarover zou je samen een filosofische boom kunnen opzetten – wordt techniek de mens nog eens de baas? Nou houd ik wel van een gelijkwaardige gedachte-uitwisseling met desnoods een beetje mysterie. En ik kan er de lol best van inzien als iemand zich achter een technisch systeem verschuilt – dat altijd gelijk heeft. Mij krijg je niet snel meer op de kast.

Die ene, enige keer dat ik ten einde raad een hulplijn belde klonk de dienstdoende crisisopvanger ongeveer zoals in die mayday-mayday-we-are-sinking-reclame: alsof het zijn allereerst oproep was. ’s Mans onhandigheid droop zowat uit de telefoonhoorn – dit speelde zich af in de tijd van vuistdikke papieren telefoonboeken en besnoerde draaischijftelefoons in hippe kleuren, in de jaren tachtig van de vorige eeuw, toen die hele communicatiecommercial nog moest worden uitgevonden. Het gestuntel van de goede man was precies wat ik nodig had om bij mijn positieven te komen. Daarvoor heb ik hem oprecht heel hartelijk bedankt. Hem enigszins verbouwereerd aan zijn lot overlatend.

Ze

19 apr

Z̶e̶ ̶w̶a̶r̶e̶n̶ ̶n̶e̶t̶ ̶g̶a̶s̶o̶l̶i̶e̶ ̶a̶a̶n̶ ̶h̶e̶t̶ ̶b̶u̶n̶k̶e̶r̶e̶n̶. Er werd net gasolie gebunkerd. Zo rook het althans toen we dichterbij kwamen en er langzaam langs fietsten. Aan dek stonden een stuk of wat matrozen al dan niet ergens op leunend op de uitkijk. Wellicht dachten die: wat is dit voor foute grap? Worden we werkelijk door een fucking rolstoel-riksja opgehaald? Op de achtergrond een muisgrijs fregat, onbeweeglijk stil.

De melding dat ‘ze’ hier in de wijk een wandeling organiseerden ging vast niet ook over Mark en Hugo, maar verder wordt er met ‘ze’ vrijwel altijd wel Rutte en de Jonge bedoeld. De regering. De RIVM. De ‘andere partij’: die van de draconische maatregelen. Terwijl het toch een kleine moeite is om iedere schijn van polariteit te omzeilen.

Z̶e̶ ̶b̶e̶d̶e̶n̶k̶e̶n̶ ̶i̶e̶d̶e̶r̶e̶ ̶k̶e̶e̶r̶ ̶w̶e̶e̶r̶ ̶w̶a̶t̶ ̶a̶n̶d̶e̶r̶s̶. Er worden straks aangepaste maatregelen bekendgemaakt. Maatregelen om iets groots en onheilspellends aan de horizon, weliswaar niet gemakkelijk zichtbaar maar wel al bijna te ruiken, zo goed en zo kwaad als dat gaat tegen te houden. Onder de duim te krijgen. Te stoppen. Er wordt gedaan wat nodig wordt geacht, niet wat bewezen effectief is. Dat laatste kan in dit stadium eigenlijk alleen de clairvoyant (m/v) eventueel zeker weten. Het eerste is juist een kwestie van zoveel mogelijk rationele afwegingen – en allerlei menselijke beperkingen.

In de supermarkt waar we steevast doorheen racen om maar zo min mogelijk in de nabijheid van mogelijke virusdragers te hoeven vertoeven liep laatst als uit het niets een oude kennis op de rolstoel van mijn zorgenkind af. Onvervaard met de ene hand hem al bijna vriendelijk aanrakend, terwijl de andere het verplichte mondkapje naar beneden trok. Onze vrije doorgang als een botte beer blokkerend. Of hij beledigd was door mijn barse optreden – ‘Ga weg joh! Raak hem niet aan!’ – of zich met terugwerkende kracht schaamde voor zijn domheid en egoïsme boeit me allerminst. Boos was ik alleen het moment dat hij me dwong hem en plein publique te corrigeren. Zijn hand wees inmiddels verontschuldigend naar zijn oor: ‘Ik heb een gehoorapparaat.’

Dat een volwassen kerel niet voldoende afstand houdt, midden in een winkel het mondmasker weghaalt dat zijn omgeving moet beschermen en zelfs meent iemand met onderliggend lijden wel eventjes ongevraagd te mogen aanraken is allemaal terug te voeren op ’s mans auditieve handicap? Je zou er toch haast van gaan wensen dat ‘ze’ dáár nou eens wat op verzonnen.

“anderhalf meter, voor iedereen beter!”

En God schiep de mondkapjes en de vaccins, en zag dat het goed was

15 dec

Dat we allebei vannacht geen oog dicht deden kwam niet door het grote mysterie van ons anonieme kerstpakket – en al helemaal niet door übersmoes corona – maar door een onverklaarbaar geluid. Een bromtoon van, tja, ‘ergens’ binnenin ons jaren 30-pand, met inmiddels een dusdanig volume dat het met geen mogelijkheid meer valt te negeren. We deden hiernaar in het tijdperk voor corona al uitgebreid onderzoek. En even leek onze kwelling zelfs voorgoed te zijn verdwenen: die eerste onrustige weken na de covidpandemie-aftrap gaf het me nog weldadige hoop dat we in ieder geval ziek konden worden in alle nachtelijke rust. En afgelopen snikhete zomer was ik dolblij geweest dat het ’s nachts tenminste wel heerlijk stil was in huis. Dat we niet ook nog hoefden te dealen met onontkoombaar omgevingsgeluid was werkelijk een zegen. Zo niet een wonder!

Maar ergens in het najaar werd het mechanisch zeurende gebrom zonder enige moeite toch weer waarneembaar. Om in de daaropvolgende weken en maanden, zoals al was te verwachten, geleidelijk in volume toe te nemen en onze aandacht steeds meer op te eisen. Mij leek het heel wel mogelijk dat het gebouw hier pal tegenover in het voorjaar voor de zekerheid de mechanische afzuiging tijdelijk had stilgezet, maar het risico op verspreiding door de lucht nu wel weer aandurfde – of dat door coronamoeheid voor lief nam. Wat het geluidmysterie dan misschien niet zou oplossen, maar toch zou kunnen verklaren. En dat is ook goud waard. Een buurtbewoner die er als vrijwilliger een vinger aan de pols houdt kon deze these alleen niet beamen. En tot voor kort was de ‘zeer aanwezige’ toontrilling weliswaar nachtrust verstorend, maar viel er met wat wilskracht eigenlijk best mee te leven.

Tot nu toe alles dus best koek en ei. Vandaag lijk ik echter wel een zombie en mijn geweldige zoon een tikkende tijdbom, mét kort lontje. Liet ik mijn sleutels in de voordeur zitten en kon ik mijn naam niet meer leesbaar schrijven. Mede daardoor bleef het bij één handgeschreven kerstkaartje. Dat hier aan de deur werd afgehaald – en niet eens vanwege dat vermaledijde virus maar door een mooi staaltje toeval, een speling van het lot of anders gewoon de voorzienigheid.

Dat we, door ervaring wijs (en grijs), momenteel zeker weten dat dit volume zo’n beetje het maximaal bereikbare aan decibels is én dat ongrijpbaar geluid nog (weken en) wekenlang onze nachtrust zal verknallen voordat het op miraculeuze wijze in het niets opgelost, is wat me nu toch de nodige houvast geeft en hoop. Ooit houdt het op. Samen zullen we dit doorstaan! Maar als ik mocht kiezen, had ik liever de duidelijkheid die een harde lockdown biedt.

Deze diashow vereist JavaScript.

%d bloggers liken dit: