Tag Archives: eer en geweten

Niet de sjaak

10 jun

Of ik mee ging een stukje rijden. Eigenlijk had ik heel andere plannen. Eigenlijk had ik een succesvol samenzijn allang opgegeven. Toch gaf ik toe: het was de allereerste keer in, wat zal het zijn geweest: 2?, 3? maanden huwelijk dat hij ook eens een keertje initiatief toonde tenslotte. Dat verdiende wel een beetje toegeeflijke meegaandheid. En zo veel te verliezen had ik nou ook weer niet, hooguit die sporadische vrije middag zonder zorgen.

De hakjes die me die dag redden gaan vandaag naar de kledingbank. Zolang je er niet mee over drassig gras ter grote van zo’n anderhalf unheimisch voetbalveld loopt, blijven ze mooi en comfortabel. Weet ik uit ervaring. En met een beetje mazzel red je het dan ook om de dichtsbijzijnde uitspanning, op de uitbater na uitgestorven, op blote voeten levend te bereiken. Blijft het bij een spreekwoordelijk schot voor de boeg.

Wat er achter de bomen aan het einde van die groene vlakte was, informeerde ik toen mijn tweede cappuccino en zijn tweede biertje werd gebracht. ‘Niets’, klonk het bijna geïrriteerd verbaasd. Wat was dat nou voor een vraag, leek de goede man te denken. Wie zou dáár nou ooit, wat dan ook willen doen?

Op de terugweg was ik de Bob, logisch. Of ik hem misschien ergens moest afzetten?

Rupsje Nooitgenoeg?

25 feb

Over egocentrisch gesproken: als een dreumes zichzelf als middelpunt van het universum ervaart, vertedert dat doorgaans nog. Het is tenslotte maar een fase. Met voldoende vallen en opstaan zal zich snel een zekere mate van invoelingsvermogen ontwikkelen en daarmee het geweten.

Wie de ontwikkeling van de mensheid kan terugzien in de ontwikkeling van een individu – van bekieuwde embryo tot amechtige grijsaard – kan dat ook omdraaien en om het even welke microkosmos in de macrokosmos van het immer uitdijende heelal herkennen.

En met een beetje voorstellingsvermogen zou je, uitgaande van een celmodel, kunnen inzien dat, hoewel iedere individuele moleculenneus weliswaar gericht is op – en niet te vergeten: bestaat bij de gratie van – één en dezelfde kern, er ook steeds neuzen op het membraan lijnrecht tegenover elkaar staan om de boel in evenwicht te houden.

Macht smaakt naar meer, leert ons de realiteit. Net zo lang tot een zwart gat alles en iedereen opslokt?

Met terugwerkende kracht

4 feb

Vandaag is opruimdag. Om te beginnen de mappen, dat schiet zo lekker op: alle papieren van vòòr 2014 mogen ongezien weg! – Wat natuurlijk niet helemaal lukt. Onbeschrijflijk wat een bagger (ook wel ‘bijkomend leed’ genoemd) een van zorginstanties afhankelijk mens in één jaar soms krijgt te verduren. Eén fout vinkje van een professional en je zoon zou ineens ergens zijn gaan wonen, zorg in natura wensen, of een verlopen – dus ongeldige – indicatie hebben. En denk nou maar niet dat jij, de leek, dat zo maar eventjes recht mag zetten.

Pas na talloze telefoontjes, bezwaarschriften, intimiderende aanmaningen, onjuiste aannames en foute interpretaties tref je dan die ene medewerker die niet op de automatische piloot staat – en gewoon goed luistert en naar eer en geweten haar werk doet. Waarna alles uiteindelijk en met terugwerkende kracht weer ‘netjes’ wordt rechtgezet – ‘mevrouwtje’. Maar als je pech hebt herhaalt eenzelfde euvel zich het daaropvolgende jaar en begint het hele circus van voor af aan, zag ik aan een bundeltje A4’tjes dat nu de versnipperaar nog niet in mag.

Over bundeltje gesproken: de gemeentemedewerker die voor me op zoek gaat naar een oude akte heeft het erg druk met al die aanvragen vandaag. Ze kon me ook nog eens moeilijk verstaan – er ging gisteravond een glas rustgevende kruidenthee over mijn mobieltje – maar desondanks bleef de goede ziel eindeloos geduldig. En niet met dat beroepsmatige zalvende toontje waarop je soms de idiootste verwijten naar je hoofd krijgt, zodat je preventief maar een steeds dikkere muur optrekt. Welnee, door haar menselijke bejegening – ‘gecondoleerd, mevrouw’ – konden mijn tranen juist vrijelijk stromen.

Zelf zag ik niets – in de OK had ik mijn lenzen uit moeten doen en bovendien had ik geen kracht meer om mezelf op te richten – maar mijn zoons tweelingbroertje was klein, bruin en puntgaaf, vertelde een zachtaardige stem ergens in de buurt van mijn gevoelloze voeten. Het betreffende ziekenhuis bestaat allang niet meer, de destijds dienstdoende gynaecoloog en kinderarts zijn inmiddels gepensioneerd, en medische dossiers zijn gek genoeg voor betrokkenen zelf pas na heel veel toeters en bellen toegankelijk.

Alsof een levenloos kindje niet verdrietig genoeg is. Een Shakespeariaanse familietragedie met bijkomend leed à la Jerry Springer: ik herinner me met terugwerkende kracht iedere lafhartige leugen en elke schijnheilige vraag. De instinctieve walging waarmee ik haar vanaf dat moment op ruime afstand hield is nooit meer helemaal weggegaan.

zonder titel

(acryl/zand/plastic/nylondraad op hardboard; 30 x 40 cm )

%d bloggers liken dit: