Tag Archives: fake news

Send me a postcard darling

29 feb

Nu is het Billie Eilish die ieders bewondering scoort maar in mijn tijd had je Mariska Veres als powervrouwrolmodel. Met de hit Venus stond haar Haagse rockband wereldwijd weken op nummer één.

Met het Eurovision Songfestival in Rotterdam Ahoy voor de deur en covid-19 hossend en wel the Netherlands binnengehaald zijn de hysterische ansichtkaarten van groetjes uit Delfshaven inmiddels helemaal hot – en bijna niet meer aan te slepen. Verzamel ze allemaal! Maar haast je, want op = op!

Reserveren kan via Shocking@groetjesuitdelfshaven.nl of Songfestival@groetenuitdelfshaven.nl. Maar ook via D400@delfshavenopdekaart.nl, 2019nCoV@delfshavenopkaart.nl en powervrouw007@aandekade.info: iedere catchy term voor de apenstaartjes is mogelijk! Want met die catch-all instelling komt alles dus altijd goed terecht.

Flashback

22 feb

Het overkwam me weer. Terwijl ik nietsvermoedend op een terras van de Supportbeurs met een onbekende geanimeerd (komt u hier vaker?) ervaringen uitwissel (die ooggestuurde computer is echt geniaal!) werd het tot dan toe van wederzijds respect getuigende gesprek abrupt en eenzijdig door de kleine mens bij wie ik had mogen aanschuiven, afgekapt. Dat out of the box denken niet vanzelfsprekend de toegevoegde waarde heeft die ik er zelf duidelijk wel aan hecht en soms zelfs kan leiden tot in blinde paniek opgeplakte en distantiërende labels is weliswaar oud nieuws, maar blijft toch steeds verbazen.

Ik had net met mijn tijdelijke tafelheer gedeeld dat die hele gedachtenbesturing blijkbaar absoluut niet is wat we er ons als leken gemakshalve meteen bij voorstellen (op zo’n beurs kom je al snel met de aanwezige onderzoekers zelf in contact) en daar in één adem aan toegevoegd dat ik communicatie door middel van iets a-technologisch als telepathie (je moet bijvoorbeeld aan iemand denken en die belt je prompt, of je belt zelf iemand die het nèt over je had) in de toekomst veel realistischer acht dan via dat as we speak in ontwikkeling zijnde kunststof matje met artificiële sensoren onder je hersenpan (of iets in die geest) – nou, hoe toegankelijk wil je het taboe van bovennatuurlijke hocus pocus hebben? – toen de goede man tegenover me plots versteende alsof er een roze olifant uit de hemel was komen vallen.

Hij herpakte zich overigens snel. Althans: hij liet zich beleefd verleiden op een ander onderwerp over te stappen alvorens, net als ik, in alle gemoedsrust (mag ik toch hopen) elders op die beurs bomvol handige hulpmiddelen en ingenieuze innovaties inspiratie op te doen. Hier ergens werd ik door een vrolijke jonge meid in een idem rolstoel lekker assertief aangemoedigd mee te werken aan haar actie om kleinerende effecten van labeling onder de aandacht te brengen van het grotere publiek.

“Ik word wel eens gelabeld als (…), maar eigenlijk ben ik ook (…)”, las ik met steeds dichter gefronste wenkbrauwen op het bord waarmee ik me bij hoge uitzondering best wilde laten fotograferen.

Wacht even. ‘Maar’? ‘Eigenlijk’? ‘Ook’? Vanwaar die voorzichtige bescheidenheid? Hoezo timide tegensputteren? Waarom geen onomwonden ‘terwijl’, ‘natuurlijk’, ‘gewoon’?

Mijn EMCB zoon is volledig afhankelijk van mij (en andere zorgprofessionals, alleen zijn die veel minder ervaren, laat staan vindingrijk). En ja, ik word ook wel eens gelabeld. Als ‘zweverig’ – en ‘naïef’, en ‘niet zo bijster snugger’. Klopt als een zwerende vinger. Toch moest ik m’n toezegging haar punt te maken weer terugdraaien. Welgemeend vriendelijk en netjes onderbouwd. Want voor niet aardig gevonden worden, recht door zee zijn en tegen de stroom in zwemmen, ben ik net zo min bang als voor het nog onontgonnen grote onbekende – dat gemakshalve (en niet te vergeten: als paniekerige verdedigingsreflex) meestal snel wordt weggezet als zweverig. Naïef. Of niet zo bijster snugger. Terwijl jezelf verkrachten om maar aan andermans verwachtingen te kunnen voldoen pas echt eng is. Natuurlijk.

Als kind wilde ik graag uitvinder worden. Toen missionaris, of zendeling. Mee met de kermis of met de grote vaart. Pro deo advocaat. Luchtacrobaat.

(foto: 1985)

Mega Moeder van de dag

12 mei

De eerste keer dat we tegelijkertijd ziek waren was een jaar of vijf terug. Daarvoor werd ik altijd pas ziek als mijn (Z)EVMB – voorheen: (E)MCG – zoon al lang en breed was opgeknapt. Dan pas ‘mocht’ het, om zo te zeggen. De aftrap kreeg meteen een feestelijk tintje: het was kerstavond toen hij begon met spugen en eerste kerstdag (ik stond juist zijn ondergekakte bed te verschonen) toen de koorts ook bij mij toesloeg. Aan de traditionele boerenkool zijn we dat jaar niet meer toegekomen. Een paar dagen later werd ik wakker op een overigens aangenaam koude keukenvloer, met een wang tegen heerlijk koele tegeltjes. Dat het donker was en relatief stil vertelde me dat het nacht moest zijn. Het laatste dat ik me kon herinneren was dat ik me raar had gevoeld en een slok water ging drinken. Nooit eerder was ik out gegaan en ik vond het maar eng om zomaar een hap tijd kwijt te zijn. Dat moest ik in het vervolg toch zien te voorkomen.

Sindsdien zijn we eigenlijk steevast samen ziek – wat ik natuurlijk niet meteen doorhad. Mijn zoon begint en ik volg vrij snel. Daar kun je op wachten. Nu ik zelf bijna geen stem meer heb snap ik pas dat dit alleen een grappig bijeffect is van best vervelende keelpijn. Hijzelf kon het me niet vertellen en ik ben helaas niet helderziend, althans niet wat dat betreft. Als ik straks ook lig te bulken in bed weet ik pas hoe dat aan zijn longen moet hebben gevoeld. Liever had ik het natuurlijk anders – en wel andersom. Maar je hebt het in het leven nu eenmaal niet altijd zelf voor het zeggen.

De stinkwassen zijn nu wel zo goed als weggedraaid, de voorraden weer redelijk aangevuld, het huis grondig gelucht en wijzelf liggen er netjes gekamd en geschoren voor Pampus bij. De laatste levering ansichtkaarten is nog steeds maar half uitgepakt – en bij lange na nog niet gedistribueerd – maar door een typisch gevalletje bovennatuurlijke krachten zit er wel weer iemand mega-mooi in zijn – bijna historische – rolstoel.

foto: Aan de kade

Mega-mooie snapshot van opening Lage Erfbrug met hergebruikt historisch brugwachtershuisje Lil’Delfshaven – foto: Aan de kade (te koop als ansichtkaart)

Geen 13 in een dozijn

4 mei

Als je vroeger ziek was moest je ‘het bed houden’. Dat was doodnormaal. Je verveelde je stierlijk, maar zonder smartphone deed je dat destijds natuurlijk toch wel. Alleen besefte je toen nog niet wat je allemaal moest missen. Op een van die saaie dagen die ik met de een of andere kinderziekte in bed moest doorbrengen kreeg ik een pakje gekleurde vouwblaadjes en een potje van die witte kinderlijm cadeau, met aan de binnenkant van het deksel – heel fascinerend – een kwastje. Daarmee produceerde ik stapels en stapels envelopjes voor mijn moeder. Zo dacht ik mezelf in ieder geval nog nuttig te maken. Zij vond het vooral hilarisch. En kennelijk ook zorgelijk: de huisarts – die in die tijd vanzelfsprekend op huisbezoek kwam – werd althans verzocht zich in één moeite door ook even over mijn psychische gesteldheid uit te spreken. De goede man was wijs en adviseerde me warm van de resterende velletjes fijn iets voor mezelf te knutselen. Gek eigenlijk, hoe zoiets subtiels van zo lang her, je toch nog zo goed kan bijblijven.

In de jaren daarna werd je steeds sneller op school terugverwacht na een fikse verkoudheid of griep. En voor verveling had ik door alle in mijn kop over elkaar heen buitelende plannen en ideeën – alles is ook zo leuk – naast mijn vervolgstudie gewoonweg geen tijd. Tijdgebrek is door de keuzes die ik in mijn leven maakte sowieso een constante factor gebleven. Momenteel zoek ik bijvoorbeeld bijpassende enveloppen voor een onhandig formaat kaarten: onbegonnen werk. Want dat – een mooie envelop – is kennelijk wat mensen verwachten bij een unieke, handgemaakte en genummerde kaart van €6,95. Maar goed, ‘mooi’ is ook maar relatief natuurlijk. Zelf houd ik bijvoorbeeld erg van hergebruikte materialen. Dus terwijl ik nu wacht tot de -lijst voor plekhuur bij cadeauwinkel Voorlopig (tergend slow) slinkt, plak ik van een (in An-Dijvie’s ‘gratis boeken’-kastje gevonden!) verregende antieke Bosatlas mooie zakjes, met authentieke vochtvlekken op het broze, rustiek vergeelde papier. Net als knippen, nummeren, en signeren pakt vouwen en plakken in serie eigenlijk best rustgevend voor me uit. Deze nuttige bijwerking van iets met aandacht herhalen maakt het dan ook veel minder een k***e-klusje op mijn to-do-lijst dat af moet; ik kijk er zelfs naar uit er tijd voor te vinden – of te maken, want altijd zoveel te doen en zo weinig speelruimte. Er zitten gewoon nog steeds te weinig uren in een dag en te weinig dagen in een week – een teken dat iemand zich niet in slaap heeft laten sussen. Laat staan dat er ergens een 13de maand op me zou liggen wachten. Nu gratis handgeplakt zakje bij aankoop genummerde kaart. Zolang de voorraad strekt – bij An-dijvie, Lil’Delfshaven en Aan de kade. 

Opgedragen aan Simone v. M. 

Mannelijk gebrul

30 apr

Zoonlief meent dat ik kan heksen. Niet zozeer vanwege mijn kookkunsten of de huismiddeltjes die ik brouw om ons allebei zo optimaal mogelijk te laten functioneren, maar meer in de zin van op meerdere plaatsen tegelijk kunnen zijn. Dus zowel hier zijn luier verschonen, als daar hup-hup een cd’tje wisselen. Nu. (Nee, niet die!) Het is hem vergeven, hij weet niet beter. Zo gaat het tenslotte al 31 jaar: zijn hele leven. Ik doe alles. Hij doet pogingen me daarin te sturen. Anders is het bij kerels van zijn leeftijd die zich er heel goed van bewust zijn dat ik, bijna bejaarde van het zwakkere geslacht, ze op zowat alle facetten van het leven wel met verve overtref en dat bikkelharde feit niet kunnen verdragen. Dat ik meer ballen heb dan zij ooit kunnen dragen maakt deze types vals en vijandig. Ook zij proberen me aan hun wil te onderwerpen, maar dan vanuit een heel andere motivatie. Daar kunnen ze niets aan doen, het is gewoon een ongelukkige combinatie van biologische factoren en aangeboren karaktertrekken. Flessenkinderen vaak: gewend aan instant satisfaction. Zo van: ik wil jou de baas zijn. Nu. Buigen zal je, slet – of hoer, of, tja: lelijke ouwe heks. Maar dan stiekem, stilletje gedacht. Nooit hardop uitgesproken.

Nee, dan mijn zoon. Die heeft de looks van zijn mediterrane vader en de vechtlust van zijn moeder. Welke fortuinlijke combinatie hem al meermaals het leven redde. Of anders toch het besef dat er veel van hem wordt gehouden. Belangeloos en onvoorwaardelijk. Dat laatste geeft hem dan weer het zelfvertrouwen om best vaak ‘zeer aanwezig’ te zijn. Nou kan niet iedereen die luide communicatiepogingen van hem waarderen, maar dat is alleen maar logisch. We houden tenslotte ook niet allemaal van harde techno- of allemaal van softe soulmuziek. Zijn vaste chauffeur heeft bijvoorbeeld graag een Hindoestaanse zender op staan. Van hem leerde ik dat iets dat in vrouwenoren klinkt als een vijandige aanval of een oorlogsverklaring, eigenlijk niet veel meer is dan mannelijk gebrul.

vaartuigen van de vroege morgen

17 apr
foto: Aan de kade

foto: Aan de kade

-beter vroeg geschoten dan laat gemist-

Tunnelvisie

3 apr

Vlogger en binnevaartinfluencer Liana Engibarjan poseerde op 1 april uitdagend in een overall met panterprint en roze epauletten, maar in Delfshaven hadden we de primeur van een historische tunnel die café de Ooievaar met café de Oude Sluis zou verbinden – aldus de Havenloods. Ook Volkskrant columnist van Amerongen houdt wel van een lolletje, las ik. Of ben ik gek, als ik in zijn bijdrage een ingrediëntenmix van recente posts hier meen te herkennen? Daarover heeft Confucius vast ook iets inspirerends gezegd.

Roltrap naar de maan

1 apr

Toen er op linkedin weer eens een onbekende kerel wilde connecten – soms lijkt het gvD*) wel een datingsite – sloeg mijn ergernis onverwacht om in een ontladende lachbui. Niet dat columns schrijven voor de Volkskrant en HP/De Tijd nou zo ontzettend lollig is. Ik wou dat ik het op mijn cv mocht zetten! Zeg nou zelf. Maar het was zo lekker de serieuze zakenboel ontregelend. Zo’n netwerkverzoek zie je als oud redacteur van een verenigingsblad en kortstondig onbezoldigd medewerker van een niche glossy dus echt niet aankomen. Het is gewoon niet logisch en dat maakt het juist zo leuk, zo ontzettend grappig – hoewel niet iedereen de humor ervan inzag, wat me, op een heel andere manier, ook nogal bevreemde en tegelijkertijd evengoed niet, want dát had ik goedbeschouwd nou juist weer wel kunnen verwachten. Net als die vileine opmerking van een buurvrouw dat ik zeker wel blij was dat ik een nieuwe trap ‘kreeg’ ook niet bepaald een oud patroon doorbrak. Of die ziedende reactie – de stoom sloeg zowat uit mijn telefoon – nadat ik beleefd weigerde het interne probleem van een zorgorganisatie als externe partner onbezoldigd op te pakken en tot een goed einde te brengen. In alle gevallen doe je er eigenlijk het best aan je niet te verzetten. Go with the flow – al was het maar de Delfshavense Schie – en nieuwsgierig alert afwachten waar je wordt heengevoerd levert altijd wel ergens, op een onvoorzien moment winst op. Daar kun je vergif op innemen.

*) grote vriendelijke Deus

Met terugwerkende kracht

4 feb

Vandaag is opruimdag. Om te beginnen de mappen, dat schiet zo lekker op: alle papieren van vòòr 2014 mogen ongezien weg! – Wat natuurlijk niet helemaal lukt. Onbeschrijflijk wat een bagger (ook wel ‘bijkomend leed’ genoemd) een van zorginstanties afhankelijk mens in één jaar soms krijgt te verduren. Eén fout vinkje van een professional en je zoon zou ineens ergens zijn gaan wonen, zorg in natura wensen, of een verlopen – dus ongeldige – indicatie hebben. En denk nou maar niet dat jij, de leek, dat zo maar eventjes recht mag zetten.

Pas na talloze telefoontjes, bezwaarschriften, intimiderende aanmaningen, onjuiste aannames en foute interpretaties tref je dan die ene medewerker die niet op de automatische piloot staat – en gewoon goed luistert en naar eer en geweten haar werk doet. Waarna alles uiteindelijk en met terugwerkende kracht weer ‘netjes’ wordt rechtgezet – ‘mevrouwtje’. Maar als je pech hebt herhaalt eenzelfde euvel zich het daaropvolgende jaar en begint het hele circus van voor af aan, zag ik aan een bundeltje A4’tjes dat nu de versnipperaar nog niet in mag.

Over bundeltje gesproken: de gemeentemedewerker die voor me op zoek gaat naar een oude akte heeft het erg druk met al die aanvragen vandaag. Ze kon me ook nog eens moeilijk verstaan – er ging gisteravond een glas rustgevende kruidenthee over mijn mobieltje – maar desondanks bleef de goede ziel eindeloos geduldig. En niet met dat beroepsmatige zalvende toontje waarop je soms de idiootste verwijten naar je hoofd krijgt, zodat je preventief maar een steeds dikkere muur optrekt. Welnee, door haar menselijke bejegening – ‘gecondoleerd, mevrouw’ – konden mijn tranen juist vrijelijk stromen.

Zelf zag ik niets – in de OK had ik mijn lenzen uit moeten doen en bovendien had ik geen kracht meer om mezelf op te richten – maar mijn zoons tweelingbroertje was klein, bruin en puntgaaf, vertelde een zachtaardige stem ergens in de buurt van mijn gevoelloze voeten. Het betreffende ziekenhuis bestaat allang niet meer, de destijds dienstdoende gynaecoloog en kinderarts zijn inmiddels gepensioneerd, en medische dossiers zijn gek genoeg voor betrokkenen zelf pas na heel veel toeters en bellen toegankelijk.

Alsof een levenloos kindje niet verdrietig genoeg is. Een Shakespeariaanse familietragedie met bijkomend leed à la Jerry Springer: ik herinner me met terugwerkende kracht iedere lafhartige leugen en elke schijnheilige vraag. De instinctieve walging waarmee ik haar vanaf dat moment op ruime afstand hield is nooit meer helemaal weggegaan.

zonder titel

(acryl/zand/plastic/nylondraad op hardboard; 30 x 40 cm )

%d bloggers liken dit: