Tag Archives: IFFR

No News From God

24 Dec

Die 2dehands dvd met muziek van Baz Luhrmann bleek gewoon een cd te zijn. Met soundtracks van films die ik never nooit zag, want ‘episch romantisch’ en daar heb ik dus echt niets mee. Maar voor iemand die stress moet mijden best een goede keus want bomvol heerlijk rustgevende klanken. Een mengeling van luxe lift-, new age-, en 50+loungemuziek.  Precies mijn ding – for the time being.

Alta Fidelidade (2000), een van de overige vier ‘5 voor 5′ dvd’s was me, ondanks de gave rol van Jack Black, echt veel te zoet. Wie hem wil, mag hem hebben. En The Other Side Of The Bed (2002) koos ik vanwege de aanbeveling dat het ‘The most fun foreign film since Y Tu Mamá También’ zou zijn – NOT. Eerder een prematuur La La Land (2016): ‘laten we een poosje uit elkaar gaan’ doorspekt met lullige liedjes en dansjes, maar dan met een happy end. Terwijl ik laatstgenoemde alleen zag omdat uitgerekend die film draaide op de enige avond dat ik in de gelegenheid was naar de Pleinbioscoop te gaan. The other side of the bed/El Otro Lado De La Carna verhuist vermoedelijk binnenkort naar een vriendin die graag Spaans wil leren. (Y Tu Mamá También uit 2001 mooi niet, die staat zelfs vrij hoog in mijn top 1001 aller tijden!)

Bella Maffia met Nastassja Kinski is nog een twijfelgeval. Het thema ‘erotiek tussen moeder/vader en ooit zoek geraakt, niet herkend kind/nageslacht’ is me eigenlijk te gruwelijk, en bovendien in Incendies (2010) veel kundiger gedramatiseerd. Maar de samenwerking die  zich tussen de overgebleven vrouwen – met totaal verschillende karakters – na een giga familiedrama ontpopt vond ik daarnaast zo bemoedigend dat ik deze dvd alleen doorgeef aan iemand met een heel goed verhaal. (Wat niet gelijk staat aan een heel goede reden, want daar gaat het me niet om.)

Blijft over No News From God, mét Penélope Cruz. Deze mag zeker weten blijven. De openingsscène lijkt – afgezien van de maskers – geïnspireerd door Pulp Fiction met John Travolta als Vince Vega. Zo ook haar lullige Kung Fu dansje, wat daardoor juist wél op m’n lachspieren werkte. (Het bigbrotheriaanse camerastandpunt helpt natuurlijk ook.)

Advertenties

A quiet dream

9 Dec

IFFR 2017. Ergens in het gesprek tijdens onze aanvankelijk nog gezellige gezamenlijke lunch was er iets misgegaan. Vermoedelijk beantwoordde ik onverhoopt toch niet aan eerder aangenomen verwachtingen en werden er als tegenreactie vrij drastische en kort-door-de-bocht conclusies getrokken. Die domweg kant nog wal raakten. Een beetje à la ‘een kat in het nauw’.

We hadden naast elkaar gezeten bij A Quiet Dream – regie Zhang Lu – en wilden er allebei nog even met een gelijkgestemde over kunnen napraten. De sfeer van het verhaal had wellicht net iets teveel rationele barrières bij me opgeheven. Of wellicht was het voor mij nog te vroeg geweest voor een glas wijn? Hoe dan ook: mijn ideologische toekomstvisie werd door mijn gelegenheidstafelheer kennelijk drastisch misverstaan. Niets nieuws onder de zon, dat (vanuit een eigen referentiekader interpreteren wat ik zou bedoelen) tref ik wel vaker. En er is ook absoluut niets mis met niet verder dan je eigen neus durven kijken, begrijp me goed. Dat ik het bijvoorbeeld niet met 1, maar zelfs 2 Wildersstemmers – buiten dat – eigenlijk heel goed blijk te kunnen vinden was voor mezelf in eerste instantie ook best een schok, want raar onverklaarbaar. Dus, hé, waar hebben we het over?

In dat gesprek met die zaalwacht ging het op een zeker moment over dat ik hoopte ooit nog te mogen meemaken dat zoiets twijfelachtigs als ‘objectief’ wetenschappelijk bewijs overbodig zal zijn. Dat het simpele, maar universele ‘helder weten’ met andere woorden algemeen aanvaard gemeengoed geworden is – maar die laatste zin heb ik nooit kunnen uitspreken, laat staan toelichten. Zodra ik mijn afkeuring over de onlogische verafgoding van wetenschappelijk ‘bewijs ‘ – iets kan pas waar zijn als het door de scharminkelige mens is aangetoond? kom op zeg! – uit had gesproken was de lol er voor hem meteen af: met de een of andere dooddoener werd ik ongegeneerd bot in de rede gevallen. Onze gedachtewisseling bijna verbitterd kordaat afgerond.

Pas later, thuis op de bank, drong tot me door dat ik waarschijnlijk stante pede als een enge Trump-aanhanger was weggezet. Een fake news believer. Een foute klimaatontkenner. Stiekem moet ik daar nu nog best een beetje om grinniken.

De eerste mails met nieuws over IFFR 2018 druppelen inmiddels mijn mailbox binnen. En het is ’s avonds eerder donker, dus mijn zoons beamertje weer volop in gebruik. De animatiefilm Rango (cadeautje van de Sint) uit 2011 deed hem weinig – mij des te meer. De goede verstaander die maar een half woord nodig heeft (want die bestaan heus) snapt al snel – Rango is in het begin kort onderdeel van een (geanimeerde) scene uit Fear and Loathing in Las Vegas (1998) – dat dit geen doorsnee familiefilm kan zijn. De subtiele details en veelvuldige verwijzingen maken meermaals bekijken bepaald geen loos tijdverdrijf. Eerder een absolute must – toch deed ik het graag.

Die cultfilm met Johnny Depp zelf heb ik tot nu toe nog niet opnieuw bekeken. Wel Cherry Blossoms – Hanami. Ook zo’n onsterfelijke klassieker, is althans mijn subjectieve mening. Werkelijk alle belangrijke levensthema’s (onvoorwaardelijke liefde, ouderschap, loslaten, nog meer onvoorwaardelijke liefde, rouwverwerking, eenzaamheid én de nodige familie-onverkwikkelingen) komen in deze 2 uur durende film uit 2008 voorbij zonder ook maar een moment te vervelen.  Na het zien van dit veellagige drama kreeg Mount Fuji ook voor mij, relatief rationeel ingestelde westerling, de bijna mysterieuze aantrekkingskracht die het voor Japanners van geboorte heeft. Voor hun is er kennelijk niets mooiers dan de heilige berg zien alvorens te sterven – waarmee de film meteen bitterzoet ontroerend, ‘happy’ eindigt.

In Nederland is A Quiet Dream (2016) nog steeds niet op dvd verkrijgbaar, helaas. En The Butcher’s Wife (1991), ook zo’n subjectieve klassieker, alleen voor een ridicuul hoog bedrag. Maar goed. Die laatste heb ik, net als Ettore Scola’s Splendor (1989) in ieder geval ooit op video opgenomen. Toen had ik ook al een antenne voor uitzonderlijke films – en nog ‘gewoon’ tv.

WINACTIE!

3 Feb

De film waarmee ik vandaag had willen beginnen moest ik laten schieten om eerst even een niet-alcoholgerelateerde, lamleggende kater weg te werken. De kieshulp die ik voor de gelegenheid het denkwerk voor me liet doen leek ook al wat brak. Aanbevolen titels knipperden althans duizeligmakend vaak van ‘nog beschikbaar’ naar ‘uitverkocht’ en vice versa. Zo miste ik uiteindelijk behalve Arábia ook Park, Le Ciel Flamand, A Quiet Dream (oké, die zag ik al) en Wulu. Het moet een hectische dag zijn geweest voor iedereen die op het laatste moment nog op het IFFR wil worden gezien, of gewoon voor geen goud een potentiële last-minute festivalhit wil mislopen. En o, ja: die in het weekend vrij is. Wat ik niet kan zeggen. Wel dat ik een van de winnaars ben ven de ‘Unleashed’ WINACTIE! Zodat ik nu thuis op de bank gratis en voor niks naar Prevenge kan kijken. Zo zie je maar: niet geschoten, altijd mis – op de een of de andere manier vind ik dat wel toepasselijk.

Loud and clear

1 Feb

a-quiet-movie

foto IFFR

Dat ik Family Life als ‘redelijk’ beoordeelde was wellicht niet uit onderstaande post op te maken. Daarom nu loud and clear: A Quiet Dream van Zhang Lu kreeg van mij de maximaal te vergeven vijf punten. Wat een pareltje! En wat een heerlijk begin van deze morgen! Kort samengevat is het ‘A simple tale of companionship‘ (quote iemand op internet), à la Jim Jarmusch (ja, die kreeg er inderdaad ook vijf van me ). Nog stilletjes wat nagenieten in het donker zat er ondanks de bizar lange aftiteling in meditatief oosters schrift helaas niet in. Onbeschoft luid klagende buurvrouwen pal achter me vonden het kennelijk nodig hun tweedimensionale mening – ‘Ik zei het toch, altijd hetzelfde met die Aziaten, dat doen we dus nooit meer, ik dacht dat er nooit een einde aan zou komen, we hadden net zo goed eerst koffie kunnen drinken’ – meteen maar met de hele zaal te delen. De wat timide, bescheiden stem die voorzichtig maar overtuigd tegensputterde dat zij het anders best een goede film had gevonden, hoorde daar kennelijk bij.

Or would you rather be a fish?

30 Jan

De titel van de IFFR-film die ik donderdagmiddag zag – Mimosas – dekte de lading in de verste verte niet. Waarom dat was legde de producer in de Q&A ongegeneerd geamuseerd aan de achterblijvers in de zaal uit. Zijn simpele verklaring – dit was aanvankelijk de werktitel en we zagen de noodzaak niet in om er alsnog een betekenisvollere aan te geven –  sloot goed aan bij de essentie van de film die me afgelopen vrijdag was gegund. Want in Jim Jarmusch’s Paterson gaat het vooral om dat ene fragment dat je van die bijna twee uur doorkabbelen bijblijft wanneer je weer buiten staat. Zo zag ik vandaag op het filmfestival mijn onlangs in de uitverkoop aangeschafte nieuwe fluitketeltje staan. Op de set van Family Life. In de woning van de vrouwelijke helft van het gelegenheidsregisseursduo waar deze film uit praktische overwegingen – ze was net bevallen – geschoten is. Naar mate het verhaal  vorderde oogde het er steeds voller en rommeliger. Toch werd ergens tegen het eind mijn aandacht naar een karakteristiek keteltje in die exotische keuken getrokken. Het leek op dat van mij, maar dan net even anders – leuker. Tot in de details nam ik het kortstondige beeld in me op. Zoiets zou je hier nou nooit in de winkel aantreffen. Pas terug thuis kon ik met eigen ogen vaststellen dat het gras er net zo groen is als in Chili.

jacht van de IFFR-dag

3 Feb
%d bloggers liken dit: