Tag Archives: zorgafhankelijk

Voorzienigheid

31 jul

circulair luisterboek

Onze oude tilvoorziening is wel eens aan vervanging toe.

De dame die de zo goed als nieuwe tweedehands Reiselifte destijds te koop aanbood heette Frank. ‘ Zeg maar Anne’, had ze mij met mijn gênant roestige schoolduits op m’n gemak gesteld. Dat hielp niet echt. Anne Frank? Het hydraulische ding bleek van haar vader, Otto Frank geweest. Oké…

Van alle van electriciteit afhankelijke voorzieningen die de goede man via de Oostenrijkse WMO in bruikleen kreeg had hij voor de zekerheid ook steeds nog een mechanisch alternatief aangeschaft. Voor het geval dat. Anne had die eigenaardigheid nogal, hoe noemde ze het ook alweer, iets van ‘vermoeiend’ of zo gevonden. Mij gaf de herkenning – ja, voor als de pleuris uitbreekt, logisch! – juist energie. En in plaats van een zucht, onderdrukte ik aan de andere kant van de lijn een bevrijdende lach.

Moederskind

13 mrt

De landelijke kledingkast voor zijn kamer in een prachtige monumentale boerderij is daar nooit terechtgekomen. Mijn zorgafgankelijke zoon zelf evenmin. Zo simpel als het er staat was dat anders niet.

Wat weloverwogen en overtuigd begon, transformeerde stukje bij beetje in een gruwelijk gevecht tussen vrijheidsdrang en moederhart. In de onontkoombare ontmanteling van het ideale toekomstplaatje.

De nuchtere optelsom van een scala aan grote en kleine verontrustende signalen deed me, na inmiddels al maanden aan het lijntje te zijn gehouden inzien: dit was een vergissing. Dit moest ik stoppen nu het nog kon! De consequenties zou ik zonder morren aanvaarden. Die zijn, hoe je het ook wendt of keert mijn eigen verantwoordelijkheid.

Terwijl ik zijn bijna affe kamer definitief ontruim, begint in de gemeenschappelijke ruimte een telefoongesprek dat ik tegen wil en dank wel moet meeluisteren. Iets met vergeten medicatie, interne miscommunicatie, en de steeds luider wordende verzekering dat het voor de betreffende cliënt echt volstrekt veilig is naar de woonvoorziening terug te keren. Ik krijg het er anno nu nog koud van.

eindelijk geüpdatete oude boerderijkast: gecoat metaal en marker op papier, op bewerkt en onbewerkt hout; 192 x 138 x 58 cm (2022)

Strandfeestje!

25 jul

Deze zomer kunnen wij ’s avonds ook eens onbekommerd de hort op. Eerdere jaren was dat hooguit op vrijdag- en zaterdagavond verantwoord. Maar werd ik vrijdags al helemaal in beslag genomen door bad- en andere noodzakelijke rituelen na een dag – zonder noemenswaardige dagbesteding – op ‘de groep’ verzorgd worden door kortstondig meedraaiende zorgleerlingen die, de spreekwoordelijke idealistische uitzondering daargelaten, meer bezig waren met hun eigen avondinvulling dan met het emotionele welzijn van mijn EMVB-rolstoeler en zijn eveneens volledig welzijnsafhankelijke kompanen – waarvan de namen sinds de invoering van de wet op de privacy, net als hun verjaardagen, ook meteen maar niet meer met de thuisfronten werden gedeeld. Voor zover er sinds de invoering van de zoveelste ‘vernieuwingen’ al iets met een thuisfront werd gedeeld dan, eenrichtingsverkeer aan ge- en verboden van een ‘persoonlijk begeleider’ zonder enige kennis van persoonlijke zaken daargelaten. Nee, vrolijker kan ik het niet maken.

Maar sinds corona is dat goddank allemaal history! Zijn wij met prepensioen – en heeft by the way hier in huis niemand meer een geniepige buikgriep opgelopen!

Onlangs sprak ik een begeleidster van heel vroeger (toen alles nog zo veel beter was, ja). Zo eentje van de oude stempel, die gewoon vijf dagen op de groep stond en weet heeft van wat er werkelijk toe doet: de cliënt. Erg optimistisch bleek ook zij niet over die niet meer te stuiten ontwikkelingen in haar werkveld. Wat me steunde – zie je wel, een professionele insider ziet het ook! – en deprimeerde tegelijk – ‘goed’ komt het volgens haar dus ook al niet.

Nee, in de zorg werken is allang geen roeping meer. Het is een manier geworden om je eigen geld te verdienen. Wie wel idealen heeft en het pleziert cliënten een fijne dag te bezorgen, samenwerking met verwanten koestert en transparantie praktiseert, wordt in het gunstigste geval scheef aangekeken – wat een uitslover. En als het maar even kan – slinks – tegengewerkt. Of – geraffineerd – de ziektewet in gemanipuleerd: ik heb het met lede ogen vanaf de zijlijn moeten aanzien.

Toch zijn er best nog nieuwe initiatieven te vinden die wel hoopvol zijn. Zoals de ‘ontdekking’ dat iedereen in de zorgdriehoek er van profiteert wanneer er opzettelijk plezier wordt gemaakt op een groep. Als daar zoals vanouds wordt gezongen en gedanst. Getrakteerd en gelachen, héél veel gelachen. Ook zonder zomaar-feestjes maakt vrolijkheid nog steeds het grote verschil. Zo is het altijd geweest en zo zal het ook altijd blijven. Zorgafhankelijk zijn is van zichzelf tenslotte wel al deprimerend genoeg.

De grote zorgloterij

14 aug

Na het lezen van een aangrijpend artikel in de Groene lijkt je meest recente eigen Kafkaëske ervaring met zorgland ineens peanuts. Want vergeleken bij die tenhemelschreiende misstanden in de ouderenzorg zijn gehandicapten en hun belangenbehartigers in Nederland anno nu eigenlijk nog best goed af. Twee vriendinnen die inmiddels ook intensief mantelzorgen, maar dan voor hun oude vaders in plaats van semi-volwassen kind, weten door schade en schande wijs geworden gelukkig precies waarover ik het heb als ze me op een doorsnee dag vragen: ‘Alles goed?’ – terwijl je het hun zo zou gunnen dat ze, net zo optimistisch als die overigens best sympathieke buurvrouw vanmorgen, nog op mijn antwoord konden reageren met: ‘Nou ja, maar je hebt toch tijd zat?’

Regelmatig brainstormen we erover wat nou de beste manier is om met tenenkrommende aanvaringen variërend van machtsmisbruik tot onomwonden desinteresse bij zorgprofessionals om te gaan. Je eigen waardigheid én die van je zorgafhankelijke familielid bewaren blijkt dan toch steeds net een ander accentje te krijgen. Maar hoe verschillend en weloverwogen ons weerwoord op dergelijke kwalijke praktijken ook moge zijn, de uitkomst ervan heeft steevast veel weg van een grote loterij. Soms tref je het, en soms tref je tirannieke dovemansoren. Geen peil op te trekken.

De enige logica lijkt wel te liggen in de tegenstrijdigheid dat het nu eenmaal veel gemakkelijker kwaad bloed zet wanneer een doorsnee medemens tot veel méér zorgzaamheid in staat blijkt dan de deskundige in kwestie zichzelf ooit ziet opbrengen, dan dat het automatisch waardering en respect wekt. Wat dat betreft moet een vitale, veerkrachtig mantelzorger het gek genoeg eerder hebben van die wildvreemde voorbijganger op straat, of in een winkel, die gratis en voor niets een oprecht gemeend compliment weggeeft of er niet omheen draait je moedig en sterk te vinden, of die je anderszins een hart onder de riem weet te steken waardoor het ook lukt om jaar in  jaar uit vitaal en veerkrachtig te blijven.

%d bloggers liken dit: